Tegemoetkoming bij nieuwe minimumloonregels

In april informeerden we je dat er aanpassingen op komst zijn in het minimumloon. Per 1 juli 2017 gaat de leeftijd voor het volwassen minimumloon stapsgewijs omlaag van 23 naar 21 jaar. Daarnaast gaat het minimumloon voor jongeren in de leeftijd van 18 tot en met 22 jaar in stappen omhoog. Dit betekent dat werkgevers te maken krijgen met hogere loonkosten. Het goede nieuws is dat werkgevers vanaf 1 januari 2017 kunnen profiteren van de nieuwe Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Deze wet bestaat uit 2 tegemoetkomingen voor werkgevers:      

  • het lage-inkomensvoordeel (LIV)      
  • het loonkostenvoordeel (LKV)

Het LIV gaat in op 1 januari 2017. Het LKV gaat in op 1 januari 2018.

Wat is het Lage-inkomensvoordeel (LIV)?

Het LIV is een nieuwe maatregel uit het wetsvoorstel Tegemoetkomingen loondomein. Met deze maatregel kunnen werkgevers in aanmerking komen voor een verlaging van de loonkosten voor werknemers die rond het minimumloon verdienen. 

Wanneer kom je in aanmerking voor het LIV?

Je komt in aanmerking voor het LIV als een werknemer gemiddeld tussen de 100% en de 120% van het wettelijk minimumloon (van een 23-jarige) per uur verdient. Binnen deze groep is een splitsing gemaakt: voor werknemers die tussen de 100% en 110% van het minimumloon verdienen, krijg je maximaal € 2.000 per werknemer per jaar. Voor werknemers die tussen de 110% en de 120% van het minimumloon verdienen, is dit maximaal € 1.000 per werknemer per jaar. De hoogte is afhankelijk van het aantal uren wat de werknemer in het kalenderjaar voor je heeft gewerkt. Om in aanmerking te komen voor de tegemoetkoming moet de werknemer minimaal 1.248 uur in het kalenderjaar hebben gewerkt.

Het Loonkostenvoordeel (LKV)

Het loonkostenvoordeel is een tegemoetkoming voor werkgevers die oudere werknemers en werknemers met een beperking door ziekte of handicap in dienst nemen. Het LKV gaat vanaf 1 januari 2018 in. Deze LKV zal na afloop van het kalenderjaar aan de werkgever worden uitbetaald; de verrekening loopt dan niet meer via de aangifte loonheffing. Dat is een voordeel voor vooral de kleinere werkgevers.

Vast bedrag per verloond uur, achteraf uitbetaald

Het LKV is net als het LIV een tegemoetkoming per uur in plaats van per jaar: de werkgever krijgt een vast bedrag per verloond uur. Dit bedrag ontvangt hij pas achteraf van de Belastingdienst, dus na afloop van het kalenderjaar. Zo wordt het LKV over 2018 voor 1 juni 2019 uitbetaald, mits de aangiftes op tijd binnen zijn. De hoogte van de tegemoetkoming is maximaal € 6.000 per jaar. Voor personen die vallen onder de banenafspraak geldt een maximaal LKV van € 2.000.

De duur van het LKV blijft hetzelfde als bij de mobiliteitsbonus: bij het in dienst nemen van een nieuwe werknemer is de duur 3 jaar en bij het in dienst houden van iemand met een WIA-uitkering geldt het voordeel voor 1 jaar.

Doelgroepverklaring

Overigens mag je als werkgever  een werknemer bij aanname niet vragen of de werknemer een arbeidshandicap of functionele beperking heeft. Deze vraag mag je pas na 2 maanden dienstverband stellen. Echter de aanvraag voor een doelgroepverklaring moet binnen twee maanden aangevraagd worden, anders vervalt het recht op LKV voor deze groep werknemers. Hierin ligt een uitdaging voor de werkgevers! Hierop zal extra scherp gelet moeten worden om geen premies mis te lopen.

Check hier of je recht hebt op het LIV en LKV.